Monday, July 31, 2017

De stijgende onveiligheid en onderdrukking van de Iraanse vrouwen en kinderen








25 juli 2017 17:31


In een artikel van 23 juli wijst de regimegezinde krant Mardom-Salari op de wijdverspreide onderdrukking van vrouwen en de kritieke omstandigheden waarin kinderen verkeren onder het regime van de mullahs: “De afgelopen jaren zijn we gewend geraakt aan berichten over vreselijke dingen als zuuraanvallen, moorden, verkrachtingen, seksuele intimidatie, messengevechten en andere misdaden, zozeer dat we er niet langer over verbaasd zijn, net alsof de ijzigheid van dergelijk bitter nieuws bij ons zo diep is binnengedrongen dat we er ongevoelig voor geworden zijn en niet meer weten hoe we op dergelijke incidenten moeten reageren, als we dat dan al kunnen.”
“Dergelijke gebeurtenissen kunnen tot angst en vrees bij de mensen leiden”, schrijft de krant verder, eraan toevoegend dat “de families met kleine kinderen zich permanent zorgen moeten maken over hetgeen hun kinderen te wachten staat als ze naar buiten gaan, en zelfs zo bang zijn dat ze hun kinderen niet naar school durven laten gaan.”
Verwijzend naar opvattingen van regime-mullahs en –functionarissen die proberen een verband te leggen tussen dergelijke incidenten en de onkuisheid van vrouwen, die o.a. geen hijab dragen, vervolgt de krant: “er zijn er bij die roomser willen zijn dan de paus, en anderen die als zogenaamd bezorgde opportunisten steeds weer de uitspraken herhalen die steevast op zulke incidenten volgen, namelijk door te verwijzen naar de onkuisheid van vrouwen, die de islamitische kledingvoorschriften niet in acht nemen, waarbij ze volhouden dat, indien vrouwen wel de hijab zouden dragen en zich kuis zouden gedragen, dergelijke incidenten niet zouden plaatsvinden. Maar geen van hen durft te verklaren waarom een onschuldig zevenjarig kind onkuis zou kunnen zijn of de islamitische kledingvoorschriften zou kunnen schenden. Waarom zouden jonge vrouwen en meisjes op elke hoek van de straat voortdurend op hun hoede moeten zijn voor onverwachte incidenten en eventuele bedreigende gebeurtenissen? Waarom zouden ze even van angst moeten huiveren als een fietser hen passeert, met de angst dat er gevaar dreigt? Waarom zouden zij bang moeten zijn om in het donker op straat te lopen, biddend dat niemand achter hen aan komt met de bedoeling hen aan te randen?”
De krant toont zich bewust van de onderdrukking van vrouwen en meisjes en van de op hen uitgeoefende druk, en schrijft: “het zou veel beter zijn de aandacht te vestigen op de vredelievendheid van vrouwen en op hun veiligheid dan om steeds weer te hameren op de islamitische kledingvoorschriften, zodat ze veilig zouden kunnen rondlopen, zonder zich voortdurend zorgen te hoeven maken of ze eventueel niet door anderen worden lastiggevallen.”
De regimegezinde krant geeft tenslotte toe dat dit bittere en voor vrouwen vervelende fenomeen helaas steeds meer toeneemt, en wel zozeer dat het nu een normaal gedrag geworden is, waarbij we verrast zijn als we iets positiefs in het gedrag t.o.v. vrouwen zien.

Wednesday, July 26, 2017

Een Verslag van de Free Iran Bijeenkomst in Parijs op 1 juli 2017



De grote bijeenkomst van Iraniërs en van mensen die de Iraniërs in ballingschap steunen om Iran te bevrijden en van internationale organisaties voor mensenrechten werd op zaterdag 1 juli in Parijs gehouden, met honderden internationale toppolitici; delegaties van regeringen en prominente figuren uit meer dan 50 landen en 5 werelddelen namen hieraan eveneens deel.

Tientallen politieke hoogwaardigheidsbekleders spraken de aanwezigen toe, onder meer: Senator Alain Neri, President van het Franse Comité voor een Democratisch Iran; Michèle de Vaucouleurs, lid van de Franse Nationale Vergadering voor de Republikeinse beweging ‘En Marche’; Martine Valleton, de burgemeester van Villepinte; en Dominique Lefebvre, President van het Landelijk Complex van Cergy, Pontoise, vertegenwoordiger van de delegatie van burgemeesters en leden van het parlement van Frankrijk;

Struan Stevenson, President van de Europees-Irakese Vereniging voor Vrijheid;
Ranjana Kumari, vrouwenrechtenactiviste uit India;
Maria Elena Elverdin, President van de Internationale Federatie van Vrouwen met Juridische Carrières;
Maria Candida Almeida, Adjunct-procureur-generaal van Portugal;
ambassadeur John Bolton, voormalig ambassadeur voor de Verenigde Staten bij de Verenigde Naties;
Dr. Nejat al-Astal, parelementslid namens de parlementaire delegatie van Palestina;
Nasr Hariri; Voorzitter van het Syrische onderhandelingsteam waar hij de delegatie van de Syrische oppositie vertegenwoordigt;
Marcin Schwiecicki, voormalig minister van Economische Betrekkingen uit Polen;
Dr. Alejo Vidal Quadras, President van het Internationale Comité Op Zoek Naar Rechtvaardigheid (ISJ);
Salih al-Qalab, voormalig minister of Publiciteit uit Jordanië;
Senator Robert Torricelli;
mr Rudy Giuliani;
delegatie van het Huis van Afgevaardigden van de VS onder wie Rechter Ted Poe, voorzitter van de Subcommissie van het Huis voor terrorisme, non-proliferatie en handel;
Congreslid Thomas Garrett, Congreslid Robert Pittenger;
Newt Gingrich, oud-voorzitter van het Huis van afgevaardigden van de Verenigde Staten;
Senator Joseph Lieberman, voormalig Senator voor de VS en kandidaat vicepresident;
Sir David Amess en Theresa Villier, leden van het Lagerhuis;
Baronesse Verma, lid van het Hogerhuis, namens parlementaire en juridische delegatie van het Verenigd Koninkrijk;
mr. B. Kouchner, voormalig minister van Buitenlandse Zaken van Frankrijk;
Rita Sussmuth, voormalig voorzitter van de Duitse Bundestag;
Sabine Leutheusser-Schnarrenberger, voormalige Duitse minister van Justitie, vertegenwoordiger van de Duitse delegatie;
Ed Rendell, voormalig voorzitter van de Democratische Nationale Partij en gouverneur van Pennsylvania;
Tom Ridge, voormalig minister Binnenlandse Veiligheid van de VS en gouverneur van Pennsylvania;
Generaal Jack Keane, voormalig viersterren- generaal uit Amerika;
Rechter Michael Mukasey, voormalig minister van Justitie van de VS;
Rechter Louis Freeh, voormalig directeur van het Federale Onderzoeksbureau voor de VS (FBI);
Elona Gjebrea en Pandeli Majko, namens de vertegenwoordiger van de delegatie van Albanië;
Giulio Terzi, voormalig minister van Buitenlandse Zaken van Italië;
John Baird, voormalig minister van Buitenlandse Zaken van Canada;
Ingrid Betancourt, voormalig presidentskandidaat uit Colombia;
Rama Yade, voormalig Franse minister voor de Mensenrechten;
General George W. Casey, voormalig Chief of Staff van het Leger van de VS;
General James Conway, 34e Commandant van het VS Marine Corps;
Sid Ahmed Ghozali, voormalig minister van Algerije;
Prins Turki bin Faisal Al Saud uit Saoedie Arabië.

Bij het begin van de ceremonie heette Gilbert Mitterrand, president van de Franse Libertés Foundation de deelnemers welkom met de woorden: “Uw overweldigende aanwezigheid hier is als een referendum tegen het geestelijke regime en het toont de mogelijkheid van dit Verzet voor democratische verandering in Iran. Ik moet ook aan de organisatoren van deze bijeenkomst een boodschap van dank overbrengen van de Franse president François Hollande (2012-2017). Hij heeft gezegd dat hij door zal gaan met aandacht besteden aan de mensenrechtensituatie in Iran op basis van de uitnodiging die u hem hebt doen toekomen om deel te nemen aan deze vergadering.” 

Politieke gevangenen hebben een aantal boodschappen gezonden vanuit gevangenissen uit het hele land, ondanks het feit dat ze grote risico’s namen met het uitdrukking geven aan hun solidariteit met de grote bijeenkomst van Iraniërs en supporters van het georganiseerde Verzet voor het hele land, voor een verandering van regime in Iran en het grondvesten van een democratie en vrijheid.
Op de bijeenkomst was ook veel werk gemaakt van boeiende voorstellingen met muziek en theater.
Een groot aantal senatoren en vertegenwoordigers uit de VS, - onder wie Robert Menendez, senior lid van de Commissie voor Buitenlandse Relaties van de senaat; Ed Royce, voorzitter van de Commissie voor het Huis voor Buitenlandse Zaken; leider van het Huis van Democraten, Nancy Pelosi; ; Lord Carlyle en Lord Clarke uit het Verenigd Koninkrijk en Senator Gianluca Castaldi uit Italië; een groot aantal leden van het Europees Parlement, onder wie de vice-president van de EU, Ryszard Czarnecki; evenals persoonlijkheden uit andere landen – gaven uitdrukking aan hun solidariteit door het sturen van videoboodschappen aan de jaarlijkse bijeenkomst van het Iraanse Verzet.
Bovendien gaven parlementsleden uit verschillende landen verklaringen aan de vooravond van de bijeenkomst.
Waaronder:
- de Verklaring van 225 leden van het Europees Parlement waarin het schenden van mensenrechten in Iran veroordeeld wordt en wordt opgeroepen tot het benoemen van de IRCG tot terroristische eenheid;
- de verklaring van meer dan 300 juristen uit het Verenigd Koninkrijk uit het Hoger en Lagerhuis en van 100 bisschoppen tegen het bloedbad van politieke gevangenen in 1988;
- de verklaring van 320 Italiaanse parlementsleden die de schending van de mensenrechten in Iran veroordeelt, evenals het bloedbad van politieke gevangenen in 1988 en de noodzaak om de daders voor het gerecht te brengen;
- de verklaring van meer dan 100 Poolse parlementsleden tegen mensenrechtenschendingen en tegen de golf van executies in Iran en de noodzaak om de daders en degenen erachter te vervolgen;
- de verkklaring van de Ierse Senaat tegen het bloedbad van politieke gevangenen in 1988;
- de verklaring van de meerderheid van het parlement van Malta en een groot aantal vertegenwoordigers uit het Roemens parlement;
- de verklaring van een aantal Nobelprijswinnaars om de doelen van de Free Iran bijeenkomst te ondersteunen.

Tuesday, July 18, 2017

Iran: De moeder van een politieke gevangene beledigd en lastiggevallen



15 juli 2017 

Berichten melden dat, ondanks het feit dat er intussen meer dan twee weken verlopen zijn sinds de arrestatie van een Koerdische politieke gevangene, zijn lot nog steeds onduidelijk is, waarbij zijn moeder ook nog eens door de Iraanse veiligheidstroepen vernederd werd.
Wegens de voortdurende vervolging van de familie van Ramin Hossein Panahi werd de familie naar de veiligheidsdiensten verwezen, maar nieuws over het lot van deze politieke gevangene kregen ze niet. Eén van de voorbije dagen werd de bejaarde moeder van Ramin Hussein Panahi bij een bezoek aan het bureau van de Inlichtingendienst in Sanandaj om te informeren naar het lot van haar zoon beledigd en lastiggevallen door agenten van het Ministerie voor Inlichtingen.
De bejaarde moeder verklaarde “We gingen naar het bureau van de Inlichtingendienst in Sanadaj, maar ze vertelden ons dat Ramin zich in de handen van de Revolutionaire Garde (IRGC) bevond. Toen we naar het inlichtingenbureau van de IRGC gingen, werd ons verteld dat Ramin zich in handen van het Ministerie voor Inlichtingen bevond. We weten niet meer wat nu te doen.”
“Ze vertellen ons zelfs niets over de verblijfplaats van Ramin, en ook niet of hij nog leeft. Tot op heden zijn er al 17 dagen voorbij sinds hij verwond werd en daarop gearresteerd door veiligheidsagenten,” voegde ze eraan toe.
De politieke gevangene Ramin Hossein Panahi werd op 23 juni jl. gearresteerd, nadat hij door drie kogels van Revolutionaire Gardisten geraakt was en overgebracht naar een onbekende plaats. Mede als gevolg van dit incident verhoogden de agenten van de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten de druk op de familie van Hossein Panahi en arresteerden vier leden van de familie, waaronder Afshin Hossein Panahi, Zobeir Hossein Panahi en Ahmad Hossein Panahi, en tot op heden is er geen duidelijke informatie over hun lot of verblijfplaats.