Dinsdag
16 januari 2018
(V.n.r.:
) Kianoosh Zandi, Mohammad Nasiri, Saroo Ghahramani
Opstand
Iran –
Het
Iraanse Verzet biedt haar condoleances aan voor het martelaarschap van Kianoush
Zandi, Sarou Ghahremani en Mohammad Nassiri, die bij de opstand van het Iraanse
volk werden gearresteerd, aan hun families, vrienden, kameraden en aan alle
mensen die in Iran in opstand komen en verzoekt de internationale gemeenschap
om onmiddellijk actie te ondernemen om het geestelijk regime met zijn
anti-humane misdaden te confronteren. Het bloed van deze gevallen
vrijheidsmartelaren zal zeker voorgoed de wortel uitrukken van het wrede regime
van de Velayat-e faqih van Iran en zal Iran en de regio bevrijden van dit
middeleeuwse regime.
Sarou
Ghahremani uit Sanandaj verdween op 3 januari. Wat er volgens de familie hierna
gebeurde was, dat veiligheidsagenten van het regime hen op de hoogte brachten
van de dood van hun kind op vrijdagnacht op 12 januari.
Kianoush
Zandi, afgestudeerd ingenieur aan de Universiteit van Sanandaj, is sinds 4
januari verdwenen. Zijn lichaam werd op 14 januari aan zijn familie
overgedragen door de Sanandaj Veiligheidsdienst. De handlangers van de
Veiligheidsdienst vertelden tegen de familie van de martelaar dat hij bij de
demonstraties was gedood. Maar de tekenen van foltering op het lichaam van
Kianoush ontmaskeren de handlangers van de Veiligheidsdienst van het regime.
Uit
angst voor de woede van het volk gaven de huurlingen de families van Sarou
Ghahremani en Kianoush Zandi geen toestemming om begrafenisplechtigheden te
houden en werd het ze verboden ook maar enige inlichting over het martelaarschap
van hun kinderen los te laten, door hen te bedreigen.
De bevolking van Sanadaj herdacht de martelaren op zondag 14 januari met een massale aanwezigheid in de Farajeh-Shahr Mosqkee, ondanks de uitgebreide aanwezigheid van agenten van de onderdrukkende diensten.
De bevolking van Sanadaj herdacht de martelaren op zondag 14 januari met een massale aanwezigheid in de Farajeh-Shahr Mosqkee, ondanks de uitgebreide aanwezigheid van agenten van de onderdrukkende diensten.
Mohammad Nassiri, een jongeman uit Zanjan, werd gefolterd na zijn arrestatie door veiligheidsagenten van het regime. Bij het overdragen van het lichaam van de martelaar zeiden de huurlingen, dwaas genoeg, dat hij zelfmoord had gepleegd.
Het
geestelijke regime had ook beweerd, dat Sina Qanbari, die in de Evin Gevangenis
was gemarteld, en Vahid Heydari, die in het politiebureau in Arak was gefolterd,
zelfmoord hadden gepleegd.
Het
Iraanse Verzet roept het publiek, met name de jongeren, op om te protesteren
tegen de misdaden van het geestelijk regime, vooral in gevangenissen en om de
families van de martelaren en gevangenen te ondersteunen en doet een beroep op
de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten om een feitenonderzoek te laten doen
door het instellen van een delegatie, speciaal voor het onderzoeken van de
toestand van de gevangenissen en de politieke gevangenen, vooral degenen die
zijn gearresteerd bij de recente opstand en om voorwaarden te creƫren waaronder
zij onvoorwaardelijk vrij worden gelaten.

