Monday, May 15, 2017

Advocaat van vakbondsactivist in Hongerstaking Waarschuwt Iraans Regime





Advocaat van een vakbondssactivist die uit protest tegen de omstandigheden op 30 april in hongerstaking is gegaan, zei in een waarschuwing aan de functionarissen van het Iraanse regime, dat zij verantwoordelijk gehouden zullen worden, als zijn cliënt iets overkomt.
 “Ik beschouw het hoofd van de rechterlijke macht, het hoofd van het Hooggerechtshof, de procureur-generaal, de aanklager van Teheran, directeur van de Gevangenissen Organisatie, de Minister van Veilheid en andere veiligheidsambtenaren verantwoordelijk voor het leven van mijn cliënt”, zei de advocaat.
 “Er zijn nu vier dagen voorbij sinds mijn cliënt in hongerstaking is gegaan”, ging hij voort, “Als advocaat van mijn cliënt, waarschuw ik de ambtenaren om er iets aan te doen vóór het te laat is.”
Esmaeil Abdi, die sinds 30 april in hongerstaking is, heeft in een brief vanuit de Evin Gevangenis aangekondigd, dat de reden voor zijn hongerstaking is te protesteren tegen de “niet-onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, die veiligheidsvonnissen oplegt aan leraren en vakbondsactivisten.”

In zijn brief heeft Abdi gezegd – waarbij hij wees op verlengde detentie van leraren onder Hassan Rouhani’s zogenaamde gematigde regering-: “ondanks dat er teveel wordt gesproken over handelen conform de wet, over democratie, over mensenrechten en burgerrechten door ambtenaren in de periode na de nucleaire deal, zien we hoe bestuursleden en vakbonden worden vastgehouden, worden berecht in enkele minuten durende rechtszaken en uiteindelijk achter de tralies verdwijnen op grond van soortgelijke beschuldigingen als “samenscholing en samenzwering tegen de nationale veiligheid, propaganda tegen het regime, en zo voort.”

Esmaeil Abdi, wiskundeleraar en voorzitter van de Leraren Beroepsvereniging, werd op 27 juni 2015 opgeroepen door het Openbaar Ministerie in Teheran nadat hij een aantal demonstraties in het hele land had georganiseerd met als doel hun beroepseisen ingewilligd te krijgen en op te roepen tot vrijlating van hun collega’s in de gevangenis. Bij aankomst op het kantoor van het Openbaar Ministerie werd hij gearresteerd.
Esmaeil Abdi’s was in beroep gegaan tegen het vonnis van een gevangenisstraf van zes jaar, maar het Hooggerechtshof heeft het verworpen.

Geconfronteerd met veiligheidsbeschuldigingen voor hun werk gerelateerde activiteiten zijn een aanzienlijk aantal actieve leden van de beroepsverenigingen van leraren, onder wie Esmaeil Abdi, Mahmoud Beheshti Langroodi, Ali-Akbar Baghani, Rasoul Bodaghi en vele anderen tot dusverre veroordeeld tot ontslag, gevangenisstraf en verbanning.

Monday, May 8, 2017

Iran: Judiciary Dismisses Appeal of Six Kurdish Political Prisoners Iran: Rechterlijke Macht Verwerpt Beroep van Zes Koerdische Politieke Gevangenen



Details
zaterdag 29 april 2017

De rechterlijke maht van Urmia, in het noordwesten van Iran, heeft het beroep verworpen dat dat aangetekend was door de advocaat van zes politieke gevangene, die vast zitten in de Miyandoab Gevangenis.
Het hooggerechtshof van Iran bevestigde de uitspraak van de rechtbank voor strafzaken van Miyandoab, na de zaak zes maanden geëvalueerd te hebben zonder één enkele hoorzitting te hebben gehouden of getuigen te hebben gehoord.
De families van deze politieke gevangenen hadden een ontmoeting met de ambtenaren van de rechterlijke macht van Urmia bij hun verzoek om beroep, maar alles tevergeefs.
Kamal Ahmadnejad en vijf anderen uit een dorp bij de stad Miyandoab, te weten: Helmat Abdulahi, Suleiman Kari, Milad Abdi, Saeed Siahi en Mostafa Tahazadeh, werden gearresteerd op beschuldiging van het vermoorden van een Basji lid en hebben zes maanden lang in eenzame opsluiting vastgezeten bij Urmia’s veiligheidsdienst, waar zij werden ondervraagd en gemarteld.
Een dossier van 400 pagina’s werd opgesteld tegen deze politieke gevangenen door het ministerie van Veiligheid, terwijl de advocaat en de families van deze gevangenen bewijs hadden voorbereid waarmee hun volmaakte onschuld werd bewezen..
Het is van belang om hierbij aan te tekenen dat de gevangenen alle beschuldigingen tegen hen hebben ontkend en hebben gezegd dat hun bekentenissen werden verkregen door intense marteling.

Wednesday, May 3, 2017

Mensenrechtenexpert van de VN Veroordeelt Verzonnen en Schadelijke Verhalen van de Pers van het Iraanse Regime



25 april 2017

Genève (24 april 2017) – Asma Jahangir, de Speciale Rapporteur van de Verenigde Naties voor de situatie van mensenrechten in de Islamitische Republiek Iran, heeft een rapport report, gepubliceerd door het Iraans Nieuws Agentschap (IRNA), aan de kaak gesteld, waarin wordt beweerd dat zij van plan was een bezoek te brengen aan Saoedi-Arabië met de bedoeling de autoriteiten in Teheran te belasteren.
Het rapport suggereerde ook dat mevrouw Jahangir de bedoeling had om de missie uit te voeren uit naam van militaire belangen. Maar de Speciale Rapporteur heeft het nieuws-onderwerp veroordeeld en nadrukkelijk ontkend.
 “Ik ben geschrokken van dit verzonnen en schadelijke nieuwsverhaal dat er duidelijk op is gericht mijn integriteit en onafhankelijkheid in gevaar te brengen, die allebei internationaal erkend worden” zei mevrouw Jahangir.
 “Iedereen die een inhoudelijk meningsverschil heeft met de beoordeling van een Speciaal Rapporteur kan altijd zijn twijfel uitspreken. Het is echter onaanvaardbaar voor mandaathouders te worden onderworpen aan laster campagnes bij het vervullen van hun taken
die door de Raad voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties zijn opgelegd.” benadrukt zij.
 “Deze beschuldigingen versterken ongelukkigerwijs de beoordeling die ik heb opgesteld in mijn eerste rapport aan de Mensenrechtenraad van de VN over het klimaat van angst dat bestaat in Iran, waar soortgelijke methodes worden gebruikt om degenen die een afwijkende mening uiten het zwijgen op te leggen.” voegde zij er aan toe.
De Speciale Rapporteur herhaalde dat lastercampagnes haar niet in de verdediging zouden brengen, noch haar onafhankelijkheid in gevaar brengen betreffende het rapporteren over de uitdagingen waar Iraniërs zich voor geplaatst zien, als het gaat om hun rechten, waardigheid en vrijheden.
Mevrouw Asma Jahangir (Pakistan) was uitgeroepen tot Speciaal Rapporteur over de mensenrechtensituatie in de Islamitische republiek Iran door de Raad voor de Mensenrechten in september 2016. Mevrouw Jahangir was verkozen tot president van de orde der advocaten voor het Hooggerechtshof van Pakistan en tot Voorzitter van de Commissie voor Mensenrechten van Pakistan. In de loop der jaren is zij zowel nationaal als internationaal erkend vanwege haar bijdrage aan de mensenrechtenkwestie en heeft zij daar belangrijke erkenning voor ontvangen. Zij heeft intensief gewerkt op het gebied van vrouwenrechten, bescherming van religieuze minderheden en in het uitbannen van gedwongen arbeid. Zij is voormalig Speciaal Rapporteur over standrechtelijke executies en over godsdienst vrijheid.
De Speciale Rapporteurs en Werkgroepen maken deel uit van wat bekend staat als de ‘Speciale Procedures’ van de Raad voor Mensenrechten. Speciale Procedures, de grootste groep van onafhankelijke deskundigen in het systeem van de VN Raad voor de Mensenrechten, is de algemene naam van de controlemechanismen van de Raad en het onafhankelijk onderzoek naar de feiten en die gaan òf over situaties in een specifieke land òf thematische onderwerpen in alle delen van de wereld. De experts van ‘Speciale Procedures’ werken op vrijwillige basis; Zij zijn geen staflid van de VN en krijgen voor hun werk geen salaris. Zij zijn onafhankelijk van alle regeringen of organisaties en dienen vanuit hun individuele capaciteit.