Wednesday, May 3, 2017

De onwettige en willekeurige terechtstellingen van jeugdige delinquenten in Iran



30 april 2017

 Deskundigen van de Verenigde Naties hebben Iran opgeroepen de internationale mensenrechten te respecteren en te stoppen met de terechtstelling van gevangenen die een misdrijf begaan hadden op het moment dat ze nog kinderen waren. Ze drongen er bij de  Iraanse autoriteiten op aan af te zien van de terechtstelling van twee ter dood veroordeelden vóór de leeftijd van 18 jaar.
Zij verklaarden dat het hen ontmoedigde te moeten vernemen dat er een “weergaloze toename” is in het aantal terechtstellingen van jeugdige delinquenten in de Islamitische Republiek Iran. Ze zeiden de stress en het psychologische lijden van de adolescenten in de gevangenis “ontzettend” te vinden, waarbij deze in het onzekere gelaten worden, wat volgens hen alleen maar een extra marteling is.
Een van de personen in kwestie is Mehdi Bohlouli, die 17 was toen hij ter dood veroordeeld werd voor het tijdens een gevecht doodsteken van een man. Zijn terechtstelling zou reeds enkele weken geleden plaatsvinden – ongeveer 15 jaar na zijn veroordeling, maar deze werd luttele uren vóór de voltrekking gestopt, waarbij onduidelijk blijft of deze hiermee naar een latere datum verschoven wordt of niet.
De andere persoon in kwestie is Peyman Barandah, die 15 was toen hij ter dood veroordeeld werd. Ook hij was ter dood veroordeeld voor het doodsteken van een andere persoon. Hij zou volgende maand terechtgesteld worden, maar het is onzeker of een uitstel mogelijk is.
De UNO-deskundigen verklaren dat dit de zesde geplande terechtstelling van een jeugdige delinquent is sinds het begin van het jaar, en dit betreft alleen de bekende gevallen – er kunnen andere niet openbaar gemaakte gevallen zijn. In twee bekende gevallen heeft de terechtstelling reeds plaatsgevonden.
 
Bezorgd als ze zijn dat deze trend verder zou doorgaan, verklaren zij: “Ervan uitgaande dat minstens 90 personen zich begin april in de dodencel bevinden wegens misdaden begaan op een leeftijd onder de 18 jaar, ligt het exacte aantal terechtstellingen of dat van hen die het risico lopen terechtgesteld te worden, waarschijnlijk veel hoger.

Iran heeft in 2013 een amendement in zijn strafwetboek opgenomen dat het jongeren de mogelijkheid tot heropening van het proces biedt. In 2016 verzekerde Iran de UNO-Commissie voor de Rechten van het Kind dat het dit systematisch op alle jongeren in de dodencellen zou aanwenden.
Maar Iran heeft zich niet aan zijn belofte gehouden. Een aantal van hen die onlangs werden terechtgesteld, wist totaal niet dat hun zaak kon heropend worden, en Mehdi Bohlouli en Peyman Barandah verzochten om heropening van hun rechtszaak, wat echter vervolgens door de Opperste Rechtbank verworpen werd. In andere gevallen werden de rechtszaken weliswaar heropend, maar werden de delinquenten wederom ter dood veroordeeld.
Iran is verplicht jongeren volgens de mensenrechtenconventies te behandelen, maar handelt er niet naar. Volgens de deskundigen handelt Iran onwettig en zij roepen de internationalr gemeenschap op actie te ondernemen.

Wednesday, April 26, 2017

Iran: Boeren en Veehouders Houden een Bijeenkomst om Tegen Nationale Landafbraak te Protesteren




21 april 2017

Een aantal boeren en veefokkers in Kuhdasht kwam bijeen vóór het hoofdbureau van de gouverneur van het regime in Kuhdasht, waarbij zij een menselijke keten vormden om te protesteren tegen nationale landafbraak.
Eén van de boeren bij de bijeenkomst zei, dat wat dit betreft “onze grond in beslag is genomen, van sommigen onder schot, terwijl de overheid hier tot nu toe geen investeringen heeft gepleegd.”
 “Behalve ons land is ons vee ook niet veilig voor hun intimidatie” voegde hij er aan toe.
Een andere protesterende boer uit Kuhdasht legde uit dat de boeren en veefokkers in de regio 
die aktes van hun boerderij en van land voor de veeteelt hebben, zeggen “aangezien wij geconfronteerd worden met afbraak van nationaal land, hebben wij besloten een protestbijeenkomst te houden, zodat onze stemmen door de overheid gehoord worden.”
De boer vertelde dat zij hun zorgen voor het eerst hebben geuit in januari 2017, “sinds ons eerste protest, is het ons niet toegestaan ook maar iets te doen aan landbouw of veeteelt, zelfs niet voor ons levensonderhoud.”

“De ambtenaren praten steeds over milieubescherming, groene ruimte en behoud van bomen”, voegde hij er aan toe, “maar ze geven geen van allen om de boeren in de regio. Wij werkten samen met andere inwoners in de streek, waarbij we maanden lang over onze zorgen over het behoud van natuurlijke bronnen bezig waren, maar geen van de verantwoordelijke instellingen of organisaties heeft enige aandacht aan onze protesten besteed.”
In de tussentijd lichten boeren van ‘Tang-e Darab’ toe, met de aktes van landbouwgrond in de hand, dat geen enkele juridische of natuurlijke persoon ook maar enig document heeft gepresenteerd om te bewijzen dat hij eigenaar van de grond is en ze zeggen dat ondanks de nodige inspanningen van hun zijde, de ambtenaren niet hebben gereageerd. Zij willen graag dat hun productie en werk niet verloren gaan op deze manier en dat de ambtenaren om hen zouden geven.
Daar Kuhdasht in de westelijke provincie Lorestan (in het zuidwesten van Iran) ligt, met het milde klimaat van het hoogland, is het merendeel van de bevolking actief in de landbouw en veeteelt.

Ruwe fouillering van bezoekende kinderen leidt tot hongerstaking in de Rajaee-Shahr-Gevangenis




De politieke activist Jafar (Shahin) Eghdami schoor zijn hoofd kaal en ging in een driedaagse hongerstaking uit protest tegen het feit dat “kinderen lastiggevallen warden met fouilleringen in de bezoekruimte” van de Rajaee-Shahr-Gevangenis, aldus een welingelichte bron:
“De broer van Shahin heft twee kleine kinderen, die mee naar de gevangenis wilden om hem te zien”, verklaarde deze bron. “Maar de fouilleringen van deze kinderen waren zo intens dat de kinderen ervan schrokken en begonnen te huilen.”
“De gevangenisautoriteiten verklaarden dat de kinderen iets bij zich gehad moeten hebben en dat ze daarom zo bang waren, en dat ze dus beter maar nooit meer noesten terugkomen”, voegde hij eraan toe.
Eghdami, 39, werd op 29 augustus 2008 door veiligheidskrachten gearresteerd op het moment dat hij deelnam aan een herdenkingsbijeenkomst op het kerkhof van Khavaran in Zuid-Teheran voor gevangenen die in 1988 slachtoffer werden van de massatereechtstellingen.
Hij werd door de Revolutionaire Rechtbank.tot vijf jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens “daden tegen de nationale veiligheid” en “samenwerking met groepen die vijandig staan tegenover de staat”.
In hoger beroep, ingesteld door het openbaar ministerie, werd de straf tot 10 jaar verlengd. Hij zit momenteel vast in Sectie 12 van de Rajaee-Shahr-Gevangenis.
De Rajaee-Shahr-Gevangenis in Karaj, ten westen van Teheran, herbergt in de eerste plaats wegens geweldsmisdrijven veroordeelde gevangenen. En toch werden daar meer dan 60 gevangenen in Sectie 12 ondergebracht na hun veroordeling door revolutionaire rechtbanken wegens vermeende misdaden tegen de staat.
Eghdami verbleef in 1998 en 2001 telkens korte tijd in de gevangenis wegens zijn vreedzame politieke activiteiten.